Wist je dat het mogelijk is om de melkproductie en voerefficiëntie te verhogen zonder het rantsoen aan te passen? Door kleine aanpassingen te doen in de manier van mengen voorkom je selectie. Geen selectie betekent dat elke hap voor elke koe hetzelfde is, waardoor het rantsoen efficiënter wordt benut. En dat levert een hogere meetmelkproductie en voerefficiëntie op. Hoe werkt dat?
Op 11 TMR-bedrijven die deelnamen aan een onderzoek van ForFarmers is eerst een nulmeting uitgevoerd. Er is vastgesteld of er selectie optrad, en zo ja hoeveel. Na de nulmeting is bepaald welke onderdelen in het mengproces verbeterd moeten worden om selectie tegen te gaan. De aanpassingen in het mengproces resulteerden in een stijging van de meetmelkproductie met 0,82 kg en de voerefficiëntie is met 0,06 punten omhooggegaan.
De meeste bedrijven uit het onderzoek (65%) hebben de voerefficiëntie weten te verbeteren door aanpassingen te doen aan de instellingen of aan onderdelen van de voermengwagen.
Vooral een verhoging van het aantal omwentelingen brengt veel verbetering. Bij meer omwentelingen wordt het voer goed losgetrokken en echt door elkaar heen gemengd.
Ter vergelijking: wil je gehaktballen draaien, dan doe je dat rustig.
Met het voer wil je juist voorkomen dat er ‘ballen’ gedraaid worden. Daarom is snelheid en kracht noodzakelijk. Ook een te volle voermengwagen kan ertoe leiden dat het voer niet gemengd wordt en tot ballen wordt gedraaid.
Werk niet met versleten messen, maar vervang ze tijdig. Controleer de kwaliteit van de messen door een lang stuk stro of hooi langs de messen te halen. Wordt het snel doormidden gesneden, dan zijn de messen nog scherp. Scherpe messen zorgen voor gelijkere deeltjeslengte van het voer en maken het beter mengbaar. Langere messen zorgen voor een goede ‘voerflow’, er blijft geen voer staan langs de wanden van de voermengwagen.
Kickerplates zorgen ervoor dat het voer beter wordt gemengd. Kickerplates wippen het voer op, waardoor het naar het hart van de vijzel wordt getransporteerd.
Van de resterende 35% van de bedrijven is 20% gaan werken met een voormengsel. Inweken van het krachtvoer is zinvol wanneer er droge pulp- of grasbrok of ontsloten tarwe wordt gevoerd. We adviseren deze voeders minimaal 12 uur te laten weken in de verhouding 1 kilogram water per kilogram krachtvoer.
De overige 15% van de bedrijven heeft water of TGC toegevoegd aan het rantsoen om meer plak te krijgen. Het onderzoek is uitgevoerd in de zomerperiode. Toevoegen van water verhoogt weliswaar de plak-eigenschap van het krachtvoer, maar verhoogt ook de kans op broei. Daarom is toevoeging van TGC, zeker in de zomer, een betere optie om plak te verhogen. TGC ProtiWanze bevat van nature een lage pH waardoor het in een gemengd rantsoen goed werkt als broeiremmer.
Wil je weten hoe je jouw mengproces kunt verbeteren? Of heb je een andere vraag voor onze TMR-specialisten? Neem contact op met jouw melkveespecialist, accountmanager, dealer of de Klantenservice Herkauwers via onderstaand contactformulier.
Heb je nog vragen of wil je meer informatie? Neem contact met ons op.