Robotmelken en weidegang gaan hier hand in hand

Op het melkveebedrijf van Piet Stam (Berkhout, Noord-Holland) draait alles om balans. Tussen werk en vrije tijd. Tussen techniek en vakmanschap. En tussen robotmelken en weidegang. Waar die combinatie vaak als lastig wordt gezien, laat Piet zien dat het juist goed kan werken. Mits je kiest voor één duidelijke aanpak. “Je moet niet blijven wisselen. Niet voor jezelf en niet voor de koeien. Dan snappen ze er niks meer van.” 

Kennis
Melkvee
Robotmelken
Piet Stam 1 - ForFarmers Nederland

Van noodzaak naar slimme keuze

De overstap naar robotmelken begon niet vanuit ambitie, maar vanuit noodzaak. Door een versleten heup werd traditioneel melken te zwaar. In 2021 hakte Piet de knoop door. De stal ging op de schop en er kwam een DeLaval melkrobot. Die melkt nu zo’n 70 koeien. 

Wat begon als een praktische oplossing, groeide uit tot een systeem dat staat. “Je hebt minder piekmomenten en meer flexibiliteit. Dat geeft rust.”

Vanaf het eerste moment stond één ding vast: de koeien moesten naar buiten kunnen blijven gaan. Weidegang hoorde bij het bedrijf en daar wilde Piet niet aan tornen. Dus zocht hij naar een systeem waarin robotmelken en weiden elkaar versterken in plaats van tegenwerken.

Sturen in plaats van halen

Met een melkrobot werkt weidegang anders dan bij traditioneel melken. Het draait niet alleen om grazen en melken, maar ook om gedrag. “Je wilt dat koeien naar de robot gaan als er voldoende melk te melken is. Niet dat ze voor de flauwekul heen en weer lopen.”

Daarom stuurt Piet actief op looproutes en ritme. Met een weidepoort en verschillende percelen splitst hij de kudde slim op. Koeien worden gescheiden op basis van melktoestemming: koeien met melk kunnen richting de robot, de rest blijft buiten grazen. 

Piet Stam 2

Werken met ritme

De huiskavel van 65 hectare speelt daarin een grote rol. Rondom het bedrijf liggen meerdere percelen grasland, verdeeld in kleinere stukken. Door de weidegang steeds over deze stukken te rouleren, houdt Piet grip op het koeverkeer én op de grasbenutting.

De dag begint met het openzetten van de weidepoort. Een groot deel van de koeien wordt via de selectiepoort naar de ruimte achter de robot gestuurd. Binnen korte tijd splitst de koppel zich automatisch op: koeien zonder melktoestemming gaan direct naar buiten, terwijl de rest via de robot loopt.

De eerste groep gaat naar het perceel dat het verst van de boerderij ligt. Zodra ongeveer de helft van de koeien buiten is, sluit Piet dit perceel af. Koeien die daarna gemolken worden, gaan door naar een perceel dichter bij huis. Zo blijven de looplijnen logisch en houdt hij grip op het ritme in de koppel.

Wanneer de stal grotendeels leeg gemolken is, mag de eerste groep weer terug naar binnen. Vaak zet Piet simpelweg de draad open, waarna de koeien rustig terug naar de stal lopen.

Gedurende het seizoen werkt Piet met A-B-weiden en soms zelfs A-B-C-weiden. Daarbij wisselen de koeien gedurende de dag tussen twee of drie verschillende weidepercelen. Zo stuurt hij het koeverkeer richting de robot en benut hij het gras optimaal. Het resultaat: veel weide-uren, een goed draaiende robot en een stabiele melkproductie. Die aanpak leverde in 2025 maar liefst 188 dagen weidegang op. “Je moet er bovenop zitten. Maar na een paar jaar zit het gewoon in je systeem,” aldus Piet. 

Niet de robot centraal, maar het totaalplaatje

Piet laat zijn dag niet volledig bepalen door de robot. Midden op de dag kiest hij bewust voor rust in de stal. Terwijl de koeien buiten lopen, voert hij bij en doet hij andere werkzaamheden.

Dat past bij hoe hij naar robotmelken kijkt. Het doel is niet het maximaal benutten van de robotcapaciteit, maar een systeem waarin arbeid, diergedrag en voerstrategie op elkaar aansluiten. 

”Het vraagt aandacht, maar levert rust op”

Volgens Piet zit er geen geheim achter het succes. Weidegang combineren met robotmelken vraagt juist aandacht en discipline. Zeker in de eerste jaren. “Het gaat niet in een week. Koeien blijven gewoontedieren.”

Toch merkt hij dat het systeem juist rust brengt zodra het loopt. De koeien volgen hun vaste patronen, het werk wordt voorspelbaar en de robot draait stabiel door. De ligging van zijn land helpt mee. Vrijwel alle percelen liggen rondom het bedrijf. Maar volgens Piet kan deze aanpak ook op andere bedrijven werken, zolang je het systeem aanpast aan je eigen situatie.

De grootste valkuil zit volgens hem niet in de techniek, maar in de instelling. “Als je er negatief in zit of te snel zegt dat het niet werkt, dan wordt het ook niks”, stelt Piet.

Juist het vertrouwen in het systeem en het consequent uitvoeren ervan maken het verschil. Dat betekent ook: accepteren dat niet elke dag hetzelfde loopt, en dat het weer altijd invloed houdt.

Piet Stam 1024 1024 px

Een systeem dat bij je past

Voor Piet is de combinatie van robotmelken en weidegang inmiddels vanzelfsprekend. Het past bij zijn bedrijf, zijn manier van werken en de rust die hij zoekt in het dagelijks werk. “Als het loopt, dan boer je relaxed.”

En misschien zegt dat alles. En dat is precies de kern. Robotmelken en weidegang hoeven elkaar niet te bijten. Als je ze samenbrengt in één kloppend systeem, kunnen ze elkaar versterken.

Zelf aan de slag met robotmelken en weidegang?

Het verhaal van Piet laat zien dat robotmelken en weidegang prima samen gaan, mits je kiest voor een duidelijk systeem en bereid bent om erin te investeren, in tijd én aandacht. 

Benieuwd hoe dat er op jouw bedrijf uit kan zien? Kijk dan een ons onze pagina: Het robotteam van ForFarmers - ForFarmers Nederland. Daar zie je meteen welke robotspecialist er in jouw buurt zit. Hij kijkt graag (vrijblijvend) met je mee naar jouw situatie. 

Piet Stam 4

Select a website and language