De periode vóór het spenen bepaalt hoe sterk biggen later zijn. Met de ForFarmers Biggenvoeraanpak voor spenen leg je die basis: een voeraanpak die verder gaat dan alleen voer. Van slimme voeding tot praktische begeleiding en een helder stappenplan.
Biggen zijn in de eerste levensdagen kwetsbaar. Hun spijsverteringsstelsel is nog volop in ontwikkeling en ze moeten leren drinken en eten. Een goede biestopname is essentieel: minimaal 250 gram per big zorgt voor een sterke weerstand en een hogere overlevingskans. Daarnaast is het belangrijk dat biggen al vroeg leren drinken uit een voerkom. Dit bevordert niet alleen de vochtopname, maar maakt de overgang naar vast voer veel gemakkelijker. Door vanaf dag 1 water en een elektrolytenmix aan te bieden, stimuleer je deze leerfase en leg je de basis voor een goede voeropname.
De overgang van melk naar vast voer is een spannend moment voor biggen. Als deze stap te abrupt is, kan dat leiden tot een speendip, verminderde groei en gezondheidsproblemen. Daarom is het belangrijk om biggen spelenderwijs te leren eten.
Vanaf dag 4 wordt VIDA Muesli ingezet, een smakelijke en licht verteerbare voeding die biggen uitnodigt om te wroeten en te knabbelen. Rond dag 5 volgt VIDA Prestarter, een voer dat aansluit bij de hogere energiebehoefte en de ontwikkeling van het darmstelsel. Deze geleidelijke opbouw zorgt ervoor dat biggen niet alleen wennen aan vast voer, maar ook dat hun darmgezondheid zich optimaal ontwikkelt.
Voeding is belangrijk, maar zonder een goed klimaat en hygiëne in de kraamstal is succes niet gegarandeerd. Een schone, ontsmette en droge afdeling voorkomt infecties en ondersteunt de weerstand van biggen. Ook het klimaat speelt een grote rol: een stabiele temperatuur en het voorkomen van tocht zijn cruciaal. Extra aandacht in deze fase is een investering die zich later terugbetaalt in gezonde, sterke biggen.
Door deze aanpak consequent toe te passen, worden biggen voorbereid op het leven na spenen. Ze hebben een hogere voeropname, een betere weerstand en een optimaal ontwikkelde darmgezondheid. Dit vertaalt zich in een hoog speengewicht en een vlotte groei in de vleesvarkensfase. Uiteindelijk levert dit niet alleen gezonde biggen op, maar ook een beter rendement voor de varkenshouder.