Bigkwaliteit levert veel geld op. Er zitten euro’s verschil tussen goede en minder goede biggen. Niet alleen voor de uitbetaling per afgeleverde big, maar ook voor afzetzekerheid is het belangrijk om continu gezonde biggen van hoge kwaliteit te produceren. Met de VIDA biggentotaalaanpak werken we samen aan kwaliteitsbiggen.
Uit onderzoek blijkt dat bedrijven met een goede bigkwaliteit vaak probleemloos draaien en lagere dierenartskosten hebben. Niet vreemd. Een betere bigkwaliteit bereik je immers met planmatig werken, een goede hygiëne, optimale voeding en vakmanschap. En dan hebben we het nog niet eens over werkplezier!
In dit artikel behandelen we de volgende stappen van geboorte naar afleveren van een kwaliteitsbig:
Een vlot geboorteproces, vitale biggen, voldoende biest van goede kwaliteit en een optimale biestverdeling zijn de belangrijke uitgangspunten voor het produceren van kwaliteitsbiggen. Biggen hebben 250 gram biest nodig om een goede groei door te kunnen maken. Een opname van 250 gram biest per big is de minimale behoefte om een goede weerstand, minder uitval en een hoger speengewicht te realiseren. Voldoende biest en vervolgens daarmee een hoge melkopname is dus van levensbelang voor jonge biggen. Lees hier meer over het verbeteren van biestmanagement of bekijk de FFlog.
Om een gezonde big van hoge kwaliteit te produceren is een goede start het halve werk. Hoe beter de darmen van de big in de kraamstal worden getraind, hoe beter de big zal groeien. Als de big vóór spenen onvoldoende vast voer heeft opgenomen is het risico op infecties zoals E.coli en streptokokken vergroot. Het is belangrijk om biggen al in de kraamstal te laten wennen aan de voeding die ze na spenen opnemen. Daarnaast hebben we VIDA Muesli. Dit is een vezelrijk product waardoor het voer goed opgenomen wordt door biggen. Daarnaast draagt het bij aan een goede darmgezondheid. VIDA Muesli is ontwikkeld om gelijktijdig naast de VIDA-speenvoeders in te zetten ter ondersteuning van de darmgezondheid.
Als de big heeft geleerd om zelf te vreten, kan hij zich na spenen zelfstandig redden. Met als resultaat makkelijk werken en een zorgeloze opfok. Lees hier meer over een gezonde biggengroei.
Zodra het tijd is om de biggen te spenen moeten de omstandigheden ideaal zijn om de big soepel door de stressvolle fase heen te helpen. De volgende zaken zijn hierbij van belang.
Water is de belangrijkste voedingsstof voor varkens en stimuleert de voeropname. Zorg dus voor voldoende, veilig en smakelijk drinkwater voor biggen. De volgende tips kunnen hierbij helpen:
Het klimaat bij de biggen moet letterlijk dag en nacht top zijn. Met een goed klimaat zal de big minder vatbaar zijn voor ziektes en presteren de dieren beter. We geven je 5 praktische tips om een goed klimaat voor gespeende biggen te creëren:
Met name de voeropname in de eerste week na spenen is cruciaal voor de verdere ontwikkeling van de biggen. De daadwerkelijke voeropname is afhankelijk van veel factoren:
Tip: Iedere dag na spenen moet een big meer voer gaan opnemen. Voorkom een voeropnamedip op dag 3-4 na spenen. Want een voeropnamedip zorgt ervoor dat bacteriën zich kunnen indringen in de big en dat kan grote darmschade tot gevolg hebben.
De normen voor de opname van biggenvoer voor spenen zijn als volgt: