Vanaf 2025 wordt de Gecombineerde opgave (GO), inclusief de aanvraag voor GLB-subsidies, definitief vastgesteld op basis van de, uiterlijk op 15 mei, ingediende GO en de wijzigingen die t/m uiterlijk 15 oktober zijn doorgegeven. Echter bij de teelt van vanggewassen kunnen nog wijzigingen plaatsvinden na 15 oktober. En bij bepaalde eco-activiteiten kan pas na 15 oktober bepaald worden of aan alle voorwaarden is voldaan. Is dit niet het geval dan zou de eco-activiteit nog ingetrokken moeten kunnen worden. Het is nog niet duidelijk hoe deze wijzigingen aan RVO doorgeven kunnen worden.
Na de indiening van de GO, op uiterlijk 15 mei, kunnen t/m 15 oktober bepaalde onderdelen van de GO worden aangepast. Dit betreft o.a. het toevoegen of verwijderen van percelen, het aanpassen van gewassen, inzaaidatums vanggewassen en het intrekken van eco-activiteiten.
RVO baseert de definitieve aanvraag op basis van de ingediende GO en de wijzigingen t/m 15 oktober.
Ook na 15 oktober kunnen toegestane wijzigingen plaatsvinden.
Het telen van een vanggewas, in het kader van de ‘stimuleringsregeling’ op zand- en lössgrond, moet uiterlijk een dag na inzaai worden gemeld.
Omdat het in dit kader ook mogelijk is om pas na 15 oktober een vanggewas in te zaaien of helemaal geen vanggewas in te zaaien, kan de definitieve periode van het vanggewas soms pas na 15 oktober bekend zijn.
Ook kan, in situaties waar een (verplicht) vanggewas is opgegeven, het opgegeven vanggewas in bepaalde situaties nog na 15 oktober wijzigen.
Bij bepaalde eco-activiteiten kan pas na 15 oktober bepaald worden of aan de voorwaarden (zoals bijvoorbeeld de teeltperiode of instandhoudingsplicht) is voldaan. Dit geldt o.a. bij de eco-activiteiten ‘langjarig grasland’, ‘onderzaai vanggewas’, ‘heg, haag, struweel’, ‘landschapselementen hout’ en ‘weidegang’.
Indien pas na 15 oktober blijkt dat niet aan bepaalde voorwaarden is voldaan, dan zou het nog mogelijk moeten zijn om betreffende eco-activiteit in te trekken.
Op dit moment kan RVO nog niet aangeven hoe deze wijzigingen na 15 oktober doorgegeven kunnen worden. Mogelijk dat hiervoor een voorziening wordt ingericht.
Het is van belang om uiterlijk 15 oktober wijzigingen in de GO door te geven en hierbij zoveel mogelijk rekening te houden met (eventuele) te verwachten wijzigingen na 15 oktober. Als de definitieve situatie toch anders blijkt te zijn dan in de GO is opgegeven, dan is het verstandig om dit in ieder geval in de eigen administratie vast te leggen. En, zolang er geen voorziening beschikbaar is, is het raadzaam de reden(en) vast te leggen waarom de definitieve situatie (na 15 oktober) niet bekend of te voorzien was op uiterlijk 15 oktober.