Op zand- en lössgrond geldt een ‘stimuleringsregeling’ voor de teelt van vanggewassen op bouwland. Indien er geen of te laat een vanggewas wordt geteeld volgt een oplopende korting op de stikstofgebruiksnorm van het volgende jaar. Bij de teelt van bepaalde gewassen geldt de korting niet.
De teelt van een vanggewas is (behoudens na de teelt van mais) geen verplichting. Echter wanneer op 1 oktober geen vanggewas wordt geteeld volgt op zand- en lössgrond een oplopende korting van de stikstoftotaalnorm. Het vanggewas mag niet voor 1 februari worden vernietigd.
In 2024 is de datum 1 oktober verschoven naar 21 oktober.
Indien op een perceel te laat of geen vanggewas wordt geteeld geldt een oplopende korting. Er geldt ook een korting als het ingezaaide vanggewas voor 1 februari wordt vernietigd. Zie de onderstaande tabel voor de hoogte van de korting. Tabel 2 geldt voor vanggewassen (die konden worden) ingezaaid in 2024.
Tabel 1. Oplopende korting stikstofnorm 2023 en 2025 en verder.
Inzaaidatum | Korting stikstoftotaalnorm |
| |
2 okt. t/m 14 okt. | 5 kg/ha |
15 okt. t/m 31 okt. | 10 kg/ha |
Niet of vanaf 1 nov. | 20 kg/ha |
Vernietigd voor 1 februari | 20 kg/ha |
Tabel 2. Oplopende korting stikstofnorm 2024
Inzaaidatum 2024 | Korting stikstoftotaalnorm 2025 |
22 oktober t/m 3 november | 5 kg/ha |
4 t/m 19 november | 10 kg/ha |
Vanaf 20 november | 20 kg/ha |
Niets ingezaaid | 20 kg/ha |
Vroegtijdig vernietigd | 20 kg/ha |
De korting wordt berekend aan de hand van het aantal hectares waarop het vanggewas te laat of niet is geteeld. De totale korting komt in het volgende kalenderjaar ten laste van de stikstoftotaalruimte van het bedrijf. Het is niet van belang of het betreffende perceel nog bij het bedrijf in gebruik is.
In het kader van deze regeling geldt een lijst met aangewezen vanggewassen. RVO heeft op de site in de ‘Gewascodelijst’ per gewas aangegeven of het een aangewezen ‘Vanggewas op zand- en löss’ is.
Op percelen met bepaalde teelten geldt geen korting. Deze gewassen zijn opgenomen in de eerdergenoemde lijst van RVO onder ‘Winterteelt op zand en löss’. Er zijn meerdere typen ‘winterteelten’:
Veel gewassen op de lijst ‘winterteelten’ zijn gewassen die normaliter (laat) in het najaar of de winter worden geoogst. Als deze gewassen in het betreffende jaar worden geteeld wordt geen korting opgelegd als er geen vanggewas wordt geteeld.
Het kan voorkomen dat een ‘winterteelt’ die normaliter in het najaar/winter wordt geoogst toch vroeg (voor 1 oktober) wordt geoogst. In de meeste situaties wordt dan, ook zonder vanggewas, geen korting opgelegd. Suiker- en voederbieten worden alleen als ‘winterteelt’ gezien indien geoogst op of na 1 november.
Bepaalde gewassen kennen productie (oogst) in de zomer of in de winter. Voor deze gewassen geldt specifiek dat er sprake moet zijn van productie in de winter om te worden aangemerkt als ‘Winterteelt’. Zie bijvoorbeeld de gewassen bloemkool en prei. Wordt het betreffende gewas voor 1 oktober geoogst, dan ziet RVO dit niet als een winterteelt en volgt een korting als niet of niet tijdig een vanggewas wordt ingezaaid.
Sommige gewassen worden alleen aangemerkt als ‘winterteelt’ indien wordt voldaan aan een specifieke zaai-, plant- of pootdatum of periode. Deze data/perioden zijn opgenomen bij het gewas in de bovengenoemde van RVO.
Een gewas dat meerdere jaren een oogst oplevert kan ook als ‘winterteelt’ worden gezien. Dit is alleen het geval in het jaar dat dit gewas in de winter tot minimaal 1 februari blijft staan.
Bij gewassen die in het najaar worden gezaaid, geplant of gepoot is een vanggewas niet mogelijk. Als een dergelijk gewas op de lijst ‘winterteelten’ is opgenomen wordt ook geen korting opgelegd indien geen vanggewas wordt gezaaid.
Veel van de gewassen die in het najaar worden ingezaaid kunnen ook als vanggewas worden ingezet. Om korting te voorkomen moeten deze gewassen, als vanggewas, uiterlijk 1 oktober zijn gezaaid. Als deze gewassen als ‘winterteelt’ worden ingezet mag het gewas ook na 1 oktober worden ingezaaid. Wel moeten deze gewassen dan aansluitend aan de voorgaande teelt worden ingezaaid en minimaal t/m 15 mei van het volgende jaar blijven staan Het gewas moet het volgende jaar worden geoogst voor verkoop of gebruikt worden als veevoer. Anders is geen sprake van een ‘winterteelt’ maar een ‘vanggewas’ en wordt eventueel een korting opgelegd. In de bovengenoemde lijst van RVO is bij deze gewassen als ‘winterteelt’ vermeld dat deze het volgende jaar na 15 mei geoogst moeten worden.
De bovengenoemde lijst van RVO bevat in ieder geval de volgende fouten:
Percelen die geïnundeerd worden zijn vrijgesteld van de ‘stimuleringsregeling vanggewas’ als het telen van een vanggewas daardoor onmogelijk is.
In de Gecombineerde opgave moet worden opgegeven of een nateelt wordt geteeld of dat er sprake is van een winterteelt als hoofdteelt of inundatie. Indien in plaats van een vanggewas een winterteelt als nateelt wordt geteeld moet worden aangegeven dat de winterteelt het volgende jaar de hoofdteelt is.