Waarom kalk gebruiken in ligboxen?

Header Bulkwagen algemeen - Klantenservice ForFarmers Dealers

Het gebruik van kalk in ligboxen heeft als doel de hygiëne te verbeteren, het helpt mastitis en een hoog celgetal te voorkomen. Bacteriën die problemen veroorzaken met betrekking tot uiergezondheid voelen zich het beste thuis in een warme vochtige omgeving met een pH van 5,5 – 7. Kalk strooien in de boxen geeft een opdrogend effect: de pH stijgt, bacteriegroei wordt hiermee geremd.

Kalk is geen kalk

Er is veel spraakverwarring als het gaat om de verschillende kalksoorten die er beschikbaar zijn. Vaak wordt er gewaarschuwd dat kalk leidt tot stikstofverliezen. Bij het gebruik van zuivere calciumcarbonaat is dit echter niet het geval. Gebruikt u producten met daarin gebluste kalk of ongebluste kalk? Dan kan dat wel leiden tot verliezen.

Ook heb je dan kans op verschraling van spenen en huid. Gebruik geen kalk met een pH van 12; dit heeft een bacteriedodend effect. Dit soort producten werken verschralend, omdat niet alleen de slechte maar ook de goede bacteriën gedood worden. Ongewenste bacteriën hebben de eigenschap sneller terug te groeien dan gewenste bacteriën. Het is dus beter om de groei van de ongewenste bacteriën te remmen.

Ook worden er producten verkocht op basis van steenmeel, lavagesteente, dit type producten dragen alleen bij aan een verbetering van de boxhygiëne, doordat ze een opdrogend effect hebben. Drogere boxen is minder bacteriegroei, maar dat doet zaagsel of gemalen stro ook. Actief bacteriegroei remmen door de pH te verhogen kunnen dit soort producten niet. Gebruik geen kalk met daarin zwavelverbindingen (calciumsulfaat); dit kan leiden tot vorming van het zeer giftige zwavelgas (H2S).

Bent u opzoek naar een effectief product, dat zich al jarenlang heeft bewezen in de praktijk? Kies dan voor Power-Cal.

Power-Cal is een speciaal gedroogde, poreuze kalksoort. Doordat Power-Cal poreus is, is de werking vergelijkbaar met die van een spons. Het kan zeer goed vocht opnemen en laat het hierna weer los. Het doel van Power-Cal is om de ligplaatsen droog te houden en de pH te verhogen. Een groot voordeel van Power-Cal ten opzichte van andere producten is dat het veel minder stuift. Minder stof is positief voor zowel de koeien als voor uzelf. Power-Cal kan gebruikt worden in combinatie met zaagsel of stro. Zowel in diepstrooisel-systemen als op koematrassen.

De voordelen van Power-Cal zijn direct zichtbaar:

  • Verhogen van de pH in de ligboxen
  • Geen schrale spenen
  • Drogere ligplaatsen
  • Schonere dieren, plakt niet
  • Schonere lucht in de stal
  • Geeft droge en harde klauwen, dus minder problemen
  • Besparing op het strooiselmateriaal
  • Gebruiksgemak (geen stof)

 

Achterliggende eigenschappen hiervoor zijn:

  • Een hoog specifiek oppervlakte van Power-Cal, wat resulteert in een hoge vochtbinding.
  • De unieke poreuze structuur zorgt ervoor dat Power-Cal vocht opneemt en dit weer loslaat via ventilatie van de stal. De drogende werking is dus zeer groot.
  • De unieke structuur zorgt ervoor dat het niet aan de koe plakt, standaard kalksoorten moeten juist heel fijn zijn om vocht te kunnen binden, bij Power-Cal is dat door zijn poreuze structuur niet van toepassing; werkt net als een spons, het vocht kan erin!
  • Geurbinding door een kleiaandeel van 8%.

 

Power-Cal is leverbaar in 2 varianten, Power-Cal en Power-Cal F (fijn).

Het wordt geleverd in Bigbags van 1000kg.



 

Om de extra stikstofnorm toe te mogen passen, moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan:

  • Het gebruik van drijfmest op de betreffende percelen is, na toepassing van de werkingscoëfficiënt, maximaal:
    75 kg stikstof per ha per jaar op zuidelijke zandgronden en lössgronden (Limburg en Noord-Brabant).
    100 kg stikstof per ha per jaar op overige gronden.
  • De overige stikstofbemesting mag alleen in de vorm van kunstmest.
  • De betreffende percelen mogen na 1 juli niet meer met drijfmest worden bemest.

Werkingscoëfficiënt

RVO heeft schriftelijk aangegeven dat het gestelde maximum gebruik van drijfmest is gebaseerd op de hoeveelheid na het gebruik van de werkingscoëfficiënt (w.c.). Dit betekent dat het bruto gebruik van stikstof beduidend hoger ligt. Bij gebruik van aangevoerde rundveemest op kleigrond (w.c. 60%) houdt dit in, dat per ha 167 kg bruto stikstof (100/0,6), dus nagenoeg de volledige norm van 170 kg stikstof (niet derogatie), gebruikt mag worden. Bij het gebruik van varkensmest op zuidelijk zandgrond (w.c. 80%) houdt dit in, dat per ha 94 kg bruto stikstof (75/0,8) gebruikt mag worden.

Geen gebruik vaste mest

In de voorwaarden wordt een maximum gesteld aan het gebruik van drijfmest. Overige stikstofbemesting mag alleen in de vorm van kunstmest. Op basis hiervan heeft RVO schriftelijk aangegeven dat vaste mest en/of overige organische meststoffen op deze percelen in het geheel niet gebruikt mogen worden.

Voor bestaande regeling op kleigrond geen beperkingen

Voor de reeds bestaande mogelijkheid op kleigrond zijn geen beperkingen t.a.v. drijfmestgebruik opgenomen.

De bovengemiddelde opbrengst, zoals genoemd in de tabel, betreft de gemiddelde jaarlijkse opbrengst (excl. tarra) van het totale areaal van het betreffende gewas. Om gebruik te maken van één van deze regelingen moet over de drie voorafgaande jaren, elk individueel jaar, aan de gemiddelde jaaropbrengsteisen worden voldaan.

Bestaande regeling op kleigrond

De gemiddelde opbrengst van de gewassen voor de reeds bestaande mogelijkheid op kleigrond betreft alleen de opbrengst van het betreffende gewas op kleigrond.

Opbrengstbepaling

Voor de bepaling van de opbrengst tellen alleen de afgeleverde hoeveelheden mee. Hiervoor gelden de volgende voorwaarden:

Voor wat betreft de opbrengst van suikerbieten, consumptieaardappelrassen (de rassen uit Tabel 2a van de Tabellenbrochure), wintertarwe, zomertarwe, wintergerst en zomergerst moeten de afnemers gemachtigd worden om de benodigde gegevens aan RVO te verstrekken.

Voor de overige gewassen moeten de volgende bewijsstukken aanwezig zijn:
Een schriftelijk bewijs van de hoeveelheid gewas dat aan een afnemer is geleverd. Hieronder vallen in ieder geval facturen, afleverbewijzen en historische financiële informatie.

Een samenstellingsverklaring van een accountant ‘waaruit blijkt, dat de gewasopbrengst die aan een afnemer zou zijn geleverd in overeenstemming is met het door de landbouwer verstrekte schriftelijk bewijs’.

Bedrijven die de stikstofdifferentiatie voor alle grondsoorten willen toepassen, moeten zich uiterlijk 1 juni van het betreffende jaar aanmelden. Voor bedrijven die de stikstofdifferentiatie voor kleigrond willen toepassen, is de uiterste aanmelddatum 15 mei.

In de administratie moeten de volgende zaken over de afgelopen 3 jaar worden vastgelegd:

  • De gewassen en rassen (consumptieaardappelen) die worden geteeld.
  • De oppervlakte grond met de desbetreffende gewassen en rassen.
  • De hoogte van de gewasopbrengst.
  • De gebruikte meststoffen (voor de normen op alle grondsoorten).
  • De afnemers van de desbetreffende gewassen.

Select a website and language