Goede jeugdgroei van jongvee wordt steeds belangrijker. In de praktijk krijgt de groei nog wel eens te weinig aandacht, terwijl het bepalend is voor de ontwikkeling, gezondheid en latere prestaties. Jongveespecialist Janne van de Ven deelt 3 tips hoe je jezelf hierin kunt belonen.
Door je jongvee-opfok in kaart te brengen, zie je direct hoe de ontwikkeling verloopt: waar zit je goed en waar kun je bijsturen? Met dat overzicht stel je samen met je jongveespecialist een praktisch plan op dat past bij jouw bedrijf. Door jongvee regelmatig te meten of te wegen, volg je de groei nauwkeurig en weet je zeker dat je op koers ligt.
De groei van je jongvee bepaalt het afkalfgewicht van je vaarzen. Te licht of juist te zwaar afkalven werkt door in de gezondheid en latere melkproductie. Richtlijn? Een afkalfgewicht van zo’n 550 tot 575 kilo.
In de praktijk zien we dat bij jongvee vanaf 12 maanden de groeipotentie niet volledig wordt benut. Dat kan liggen aan het rantsoen, overbezetting of aandachtspunten zoals (klauw)gezondheid. Stuur daarom op een uniforme groei en bepaal het inseminatiemoment op basis van ontwikkeling. Denk aan een borstomvang van circa 170 cm of een gewicht rond de 385 kilo. Zo leg je de basis voor een vaars die klaar is voor een sterkte start.
Maak in overleg met je melkvee- of jongveespecialist een goed uitgebalanceerd rantsoen met de juiste vitamines en mineralen per leeftijdsgroep. Na een uitdagend jaar, kom je kuilen tegen die niet ideaal zijn. Er zijn altijd oplossingen: