Doorzaaien in het voorjaar: zo pak je het aan

Bestaat de grasmat nog voor 60-80% uit goede grassen en is de bodemstructuur op orde? Dan is het voorjaar hét moment voor een grondige onderhoudsbeurt. Jonge grasplantjes krijgen nu nog weinig concurrentie van de bestaande zode. Met de juiste aanpak leg je een sterke basis voor het seizoen. 

Nieuws
Melkvee
Geiten
Ruwvoer
Grasland doorzaaien Header news - ForFarmers Nederland

Stap 1: check de bodemtemperatuur

Doorzaaien na de winter? Wacht tot de bodemtemperatuur minimaal 10°C is en er groeizaam weer wordt verwacht. Alleen dan kan het gras snel en gelijkmatig kiemen. 

Stap 2: maai het gras kort

Maai het perceel kort af als je doorzaait direct ná de eerste snede of in het najaar. Zo verlaag je de concurrentiekracht van het bestaande gras en zorg je dat het zaad goed contact maakt met de bodem.

Stap 3: onkruid en dood gras aanpakken

Onkruid en dode grassen verminderen de kans op een geslaagde doorzaai. In het vroege voorjaar komen vooral muur, herderstasje, paardenbloem, ooievaarsbek en boterbloem voor. Deze soorten zijn nu lastig te herkennen, maar nemen wel ruimte in die je nodig hebt voor nieuw gras. Chemische onkruidbestrijding vóór het doorzaaien is het meest effectief. 

Verwijder daarnaast ruwbeemd en dood gras met een grasland-eg. Deze trekt de zode open en verwijdert ondiep wortelende onkruidgrassen zoals ruwbeemd en straatgras. Tegelijkertijd wordt dood materiaal uitgekamd. 
Kies bij voorkeur voor een straffe grasland-eg; deze werkt agressiever dan een wiedeg. Let op: in gras-klaverpercelen kan het klaveraandeel tijdelijk afnemen. Witte klaver herstelt zich doorgaans weer vanzelf. 

Eggen

Stap 4: kies het juiste doorzaaimengsel

Een snelle en zekere opkomst is cruciaal bij doorzaai. Daarom kiezen wij voor een mengsel op basis van Engels raaigras. Dit combineert een hoge drogestofopbrengst met een goede standvastigheid, hoge voederwaarde, voldoende droogteresistentie en wintervastheid. Bovendien is de grasopname hoog, zowel bij beweiden als bij het voeren van graskuil. 

Het mengsel bestaat uit: 

  • 70% tetraploïde rassen: snelle beginontwikkeling, smakelijk en gemiddeld roestresistenter
  • 30% diploïde rassen: iets trager in de start, maar sterker, met een dichtere zode en betere langleefbaarheid.

Zo combineer je snelle hergroei met een duurzame grasmat. 

Stap 5: zaai de juiste hoeveelheid

Wil je het grasland repareren? Dan volstaat een zaaihoeveelheid van 20-25 kg per hectare. Kies je voor doorzaai om de botanische samenstelling van het grasland periodiek te onderhouden?  Dan volstaat een zaaihoeveelheid van 10-15 kg per hectare. 

Stap 6: zaai op de juiste diepte

Kan de mechanisatie het zaad inwerken? Zaai dan op een diepte van twee keer de zaadlengte (meestal 12 – 15 mm). Goed zaad-grondcontact is essentieel.

Doorzaaimachine 
Gebruik bij voorkeur een sleuvenzaaimachine met rollen. Drukken de rollen het zaad niet voldoende aan? Rol dan het zaaien het perceel. 
Controleer bij het afstellen altijd:

  • De insnijding
  • De zaaidiepte
  • De verdeling van het zaad in de snede
  • Het sluiten van de sneden (bij schijvendoorzaaimachines)

Zaai een teststrook om dit goed te beoordelen

Stap 7: nazorg maakt het verschil 

Geef jonge kiemplantjes 2 – 3 weken de kans om zich te ontwikkelen. Dit doe je door licht te beweiden of een lichte maaisnede uit te voeren. Zo krijgen de jonge planten meer licht en wordt de uitstoeling gestimuleerd. 

Stel een drijfmestgift in deze fase uit. Dit voorkomt beschadiging van de zode en van de jonge grasplantjes. 

Door tijdig te zaaien, het juiste mengsel te kiezen en aandacht te besteden aan de nazorg, haal je meer uit je grasland. Twijfel je over het juiste moment of de beste aanpak voor jouw perceel? Neem dan contact op met jouw specialist of dealer. Wij denken graag met je mee

 

Select a website and language